De vrijheid van christelijk onderwijs, ooit stevig verankerd in Artikel 23 van de Grondwet, komt steeds verder onder druk te staan. De overheid vergroot haar invloed op wat en hoe er op scholen mag worden onderwezen, en zelfs het informele onderwijs (zoals de zondagsschool) lijkt niet langer buiten haar blikveld te blijven! Daarmee dreigen we in de toekomst kansen kwijt te raken die tot nu toe hielpen bij het doorgeven van het Evangelie aan onze kinderen.
Toch verandert onze roeping niet. In Deuteronomium 11:18-21 spreekt God ons als ouders en gemeenteleden rechtstreeks aan: Zijn Woord moet in ons hart leven, en we moeten het onze kinderen leren: thuis, onderweg, bij het opstaan en bij het slapen gaan. Dat is geen taak die we alleen kunnen overlaten aan scholen of werkers binnen de kerk; het is een opdracht aan ons allen.
Juist nu worden we geroepen om na te denken, te bidden en ons voor te bereiden op hoe we, als gezinnen èn als gemeente, het Evangelie ook in de toekomst kunnen doorgeven en voorleven aan onze jonge generatie. Niet uit angst, maar in hoop en afhankelijkheid van de Heere, vertrouwend dat Hij zelf wijsheid en volharding schenkt aan wie Hem volgen.
Kerwin van Twillert